Toekomstvormen in de praktijk
Dit is het verhaal van Barbara Buser, tweeënzeventig, uit Bazel.
Ze is een van de invloedrijkste architecten van Europa door juist niet nieuw te bouwen. Haar credo is simpel: "we shouldn't demolish anything anymore."
Het interessantste aan haar werk is niet wat ze bouwt.
Het is de volgorde waarin ze denkt.
Waar de meeste architecten beginnen met een ontwerp en daarna de materialen bestellen die dat ontwerp nodig heeft, draait zij het om. Haar team inventariseert eerst wat er beschikbaar is aan ramen, stalen liggers en gevelpanelen, en ontwerpt het gebouw daaromheen. Is het gevonden raam net iets groter dan gepland, dan verandert de opening, niet het raam.
Dat kost meer tijd. Twintig procent, is de schatting. En het vraagt dat je een deel van je controle opgeeft. Dat laatste is voor de meesten het lastigst.
Wat je terugkrijgt is een gebouw dat niet is bedacht maar gevonden.
Dit is schakelkracht in zijn zuiverste vorm.
Niet: wat moet hier komen.
Maar: wat is hier al, en wat wil hier ontstaan.
Plak het op een organisatie die vastloopt en aan een adviseur vraagt iets nieuws te bedenken. Er komt een nieuwe strategie, een nieuwe programmamanager, een nieuwe poster met kernwaarden. Eerst het ontwerp, daarna worden de mensen en materialen erbij besteld.
Buser zou zeggen: begin met de inventaris. Welke kennis ligt al ongebruikt en grijpbaar in je directe omgeving. Welke samenwerking bestond ooit en is stilgevallen. Wie doet al precies wat we straks gaan aankondigen, alleen zonder mandaat en zonder titel. Welk initiatief hebben we drie jaar geleden gesloopt terwijl het bijna werkte.
Ongemakkelijk, want inventariseren betekent in feite toegeven dat het antwoord misschien al binnen was. Het levert geen grootse lancering op.
En misschien geldt hetzelfde voor jou. Als mens. Als professional.
Wie vastzit in zijn loopbaan stelt bijna altijd de nieuwbouwvraag: "Ik wil iets heel anders". Terwijl de vraag ook kan zijn welke ervaringen en verlangens je hebt afgeschreven als niet meer relevant, terwijl het je zeldzaamste materiaal is. Het deel van jezelf dat je langzaam uitzette toen je hier begon.
Loopbanen worden vaker gesloopt dan gedemonteerd. Mensen stappen over naar een nieuwe rol in een nieuwe organisatie en laten alles achter, terwijl er van alles mee had gekund als het zorgvuldig was losgemaakt.
Dus voordat je iets nieuws ontwerpt: wat staat er nog overeind, en wat zou je zonde vinden om te slopen? Die verlangens en ervaringen die jou eigenlijk vormen.
De foto, gemaakt door Martin Zeller, laat Gundeldinger Feld in Bazel zien. Een verlaten machinefabriek in een arbeiderswijk. Buser vroeg de buurt wat zij wilde en kreeg vierhonderd brieven terug. Nu is het de huiskamer van de wijk: speeltuin, theater, klimhal, ateliers. Huur tien procent onder de markt, want verbouwen was goedkoper dan nieuw.
Geen masterplan, maar gebruikmaken van de energie en de grondstoffen binnen handbereik.